“Zelfs Geert Wilders gebruikt poëtische technieken”

Kila1
Kila van der Starre
is literatuurwetenschapper en doet onderzoek naar poëzie buiten het boek. Hoe is onze ervaring van poëzie aan het veranderen?

Op de muur bij café Orloff staat een klein gedichtje van Ingmar Heytze afgebeeld. Sinds ik met deze blog bezig ben, zie ik plotseling overal poëzie voor me. Niet gek, vindt Kila. “Ik ken zelfs mensen die een gedicht op hun lichaam hebben getatoeëerd”, vertelt ze lachend. Er is nu één jaar voorbij, sinds Kila startte met haar onderzoek. Met twee bachelordiploma’s op zak (Literatuurwetenschap en Taal en Cultuurstudies) verhuisde ze in 2012 naar België. Daar haalde Kila haar master Vergelijkende Moderne Letterkunde en de master-na-master Literatuurwetenschappen. Scripties schreef ze veelal over poëzie.

Hoe is het idee ontstaan voor dit onderzoek?
“Ik ben al voor zo lang ik me kan herinneren bezig met poëzie. Ik dicht zelf ook in een duo (Kila & Babsie) en hierdoor ben ik ook vrij actief in het podium circuit. Ik begon het vreemd te vinden dat ik niets academisch deed met poëzie buiten het boek, terwijl dit in feite veel groter is dan de poëzie binnen het boek. Ik ben toen een voorstel gaan schrijven voor een onderzoeksbeurs en die kreeg ik. Nu maak ik een proefschrift aan de Universiteit van Utrecht onder leiding van prof. dr. Geert Buelens (UU, promotor) en prof. dr. Yves T’Sjoen (UGent, copromotor).”

Hoe ga je te werk?
“Ik richt me op Nederlandstalige poëzie buiten het boek vanaf 1966. Dit is een belangrijk historisch moment in de poëzie, want in 1966 vond namelijk het eerste grootschalige poëzie-evenement plaats. Er ontstond toen een opkomst van het multimediale poëziecircuit. Plots werden de gedichten verspreid op TV, via LP’s en de radio. In mijn onderzoek zoom ik in op wat men vanaf dit moment allemaal verspreidden. Vervolgens kijk ik hoe dit ontvangen is door het publiek, literaire critici en op academisch gebied. Ook kijk ik naar de ervaring van poëzie buiten het boek. Ik pleeg hiervoor veel archiefonderzoek en theoretisch-literatuur onderzoek. Verder doe ik empirisch onderzoek, zoals het afnemen enquêtes. Dit deed ik bijvoorbeeld bij Nacht van de Poëzie in Tivoli Vredenburg en de finale van het Belgisch kampioenschap Poetry Slam.”

Wat kwam er uit dit onderzoek?
“Bijna 70% van het publiek van de Nacht van de Poëzie was boven de 46 jaar, een groot gedeelte leest bijna nooit een dichtbundel en de helft gaat nooit naar een ander poëzie-evenement. Bij het kampioenschap Poetry Slam was bijna 80% onder de 35 jaar, las de helft meer dan vier poëzieboeken per jaar en gingen de meeste naar vele andere poëzie- evenementen. Opvallend is dat het publiek van de poetry slam veel meer poëziebundels leest dan de aanwezigen op de Nacht, terwijl in het slamcircuit podiumdichters zonder debuutbundel optreden en alle dichters op de Nacht een boek hebben uitgebracht.

Wat zijn je meest opvallende bevindingen tot nu toe?
“Er wordt al tijden geroepen dat poëzie dood is. Als je kijkt naar de verkoop van poëziebundels, dan heb je daar zeker gelijk in. Maar kijk je daar buiten, dan zul je zien dat poëzie springlevend is. Er zijn vier verschillende aspecten van poëzie buiten het boek. Collectiviteit (je ervaart het samen), het democratische aspect (jouw stem telt of je draagt bij aan het viraal gaan van een poëzievideo), het multimediale (de meeste gedichten bestaan niet in één enkel medium) en het interactieve aspect (de dichter en het publiek komen met elkaar in contact).”

Waarom is podium poëzie zo populair?
“Mensen zijn op zoek naar een culturele totaalervaring en interactiviteit. Ook zie je dat de auteur de laatste tijd steeds centraler is komen te staan. Veel mensen zullen speciaal naar een poëzie-evenement gaan om de dichter in levende lijven te ontmoeten. Ook binnen de literatuur bestaan er natuurlijk veel idolen.”

Wat is voor jou persoonlijk de waarde van poëzie?
“Poëzie laat mij situaties of gevoelens ervaren, die ik niet ken. Maar poëzie maakt mij ook een kritische denker. Als je reflecteert op taal, kom je erachter hoe machtig taal eigenlijk is.  Je ziet plotseling hoe krantenartikelen zijn opgebouwd, of dat Geert Wilders bijvoorbeeld heel veel poëtische technieken gebruikt.”

Lees deel 2 van dit interview hier!

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s